HomePolitiekKiezers geld geven voor een stem? Zo werkt democratie niet

Kiezers geld geven voor een stem? Zo werkt democratie niet

Stel dat een politicus tijdens de verkiezingen bij de voordeur staat met een envelop vol geld. Niet voor een belastingteruggave, niet omdat de straat eindelijk wordt opgeknapt, maar met de simpele boodschap: “Stem op onze partij en deze is voor jou.”

Hij zou waarschijnlijk snel ontdekken dat dit geen briljant campagneplan is. Toch is het idee van kiezers omkopen met geld interessant om over na te denken, want verkiezingen horen juist te draaien om vrije keuzes, vertrouwen en politieke ideeën. Niet om de hoogste bieder.

Verkiezingen zijn geen veiling

Bij verkiezingen krijgt iedere stem in principe dezelfde waarde. De kiezer kijkt naar politieke partijen, standpunten, kandidaten en plannen voor de toekomst. Vervolgens maakt hij zijn eigen keuze in het stemhokje. Dat is de basis van een democratisch systeem.

Zodra geld wordt aangeboden in ruil voor een stem, verandert dat principe volledig. Dan gaat het niet meer over de vraag welke partij het beste plan heeft, maar over de vraag wie met de grootste portemonnee komt aanzetten.

Hij ziet het al voor zich: partij A geeft vijftig euro, partij B honderd en partij C komt met een krat bier en een cadeaubon. Voor je het weet staan politici op straat te onderhandelen alsof het de lokale rommelmarkt is. Dat is natuurlijk niet de bedoeling.

Omkopen hoort niet bij eerlijke politiek

Omkopen en politiek zijn een bijzonder slechte combinatie. Een verkiezing moet vrij en eerlijk zijn. De kiezer moet kunnen stemmen zonder druk, dwang of financiële beloning.

Het probleem met omkopen is bovendien dat een stem dan een soort handelswaar wordt. Wie geld heeft, zou daarmee invloed kunnen kopen. Daarmee verschuift de macht van de kiezer naar degene met de dikste portemonnee.

Dat is precies het tegenovergestelde van wat democratie zou moeten zijn.

Een kiezer hoort niet te denken: “Welke partij heeft de beste plannen?” om vervolgens zijn keuze te veranderen omdat iemand hem vijftig euro aanbiedt. Dan wordt stemmen wel heel letterlijk een betaalde bijbaan.

Politiek draait om vertrouwen

Politiek is uiteindelijk gebaseerd op vertrouwen. Kiezers geven een partij hun stem omdat zij verwachten dat die partij bepaalde problemen gaat aanpakken en bepaalde keuzes gaat maken.

Dat vertrouwen kan al kwetsbaar genoeg zijn. Politici worden regelmatig kritisch gevolgd en verkiezingsbeloftes worden uitgebreid besproken. Als daar ook nog eens geld aan wordt gekoppeld, wordt het vertrouwen in het hele systeem aangetast.

De kiezer kan zich dan afvragen welke stem nog echt vrijwillig is. Heeft iemand voor een partij gekozen omdat hij achter het programma staat, of omdat er toevallig een envelop met euro’s tegenover stond?

Een gezonde democratie zou daar behoorlijk zenuwachtig van worden.

Een stem is geen product

Een belangrijk uitgangspunt is dat een stem niet te koop hoort te zijn. De kiezer heeft het recht om zelf te bepalen welke partij hij steunt. Hij hoeft daarvoor geen financiële beloning te ontvangen.

Dat betekent overigens niet dat politiek geen geld mag kosten. Partijen voeren campagne, maken reclame, organiseren bijeenkomsten en communiceren met kiezers. Daar zijn regels en financieringsmogelijkheden voor.

Het verschil zit in het doel. Een campagne probeert mensen te overtuigen met argumenten en politieke plannen. Omkoping probeert iemand persoonlijk financieel over de streep te trekken.

Dat verschil lijkt simpel, maar het is gigantisch.

Wat gebeurt er als geld de verkiezingen bepaalt?

Als geld steeds belangrijker wordt bij verkiezingen, ontstaat een gevaarlijke situatie. Rijke partijen of personen zouden dan veel meer mogelijkheden hebben om invloed uit te oefenen dan partijen met minder financiële middelen.

Daarmee ontstaat een soort politieke wedstrijd waarbij niet de beste argumenten winnen, maar degene met de grootste geldzak.

Hij hoeft geen politiek wetenschapper te zijn om te begrijpen dat daar weinig democratisch aan is. Bij voetbal zou niemand accepteren dat een club tijdens de wedstrijd extra doelpunten mag kopen omdat hij toevallig meer geld heeft. Bij verkiezingen zou dat eigenlijk net zo vreemd moeten klinken.

De kiezer mag zelf nadenken

Juist daarom is de vrije keuze van de kiezer zo belangrijk. Een verkiezing draait om het afwegen van verschillende ideeën en belangen. De ene kiezer vindt lagere belastingen belangrijk, de ander wil betere zorg en weer een ander maakt zich vooral druk over wonen, veiligheid of het klimaat.

Dat verschil mag er zijn.

De politiek hoeft het niet met iedereen eens te zijn. Sterker nog, een democratie werkt juist doordat verschillende meningen naast elkaar bestaan. Maar die meningen moeten wel vrij kunnen worden uitgesproken en gewogen.

Een stem moet uiteindelijk van de kiezer zijn. Niet van een partij, niet van een campagneleider en al helemaal niet van degene die de grootste envelop bij zich heeft.

Omkopen ondermijnt de democratie

Kiezers geld geven als zij op een bepaalde partij stemmen klinkt misschien als een bizarre hypothetische situatie, maar het laat goed zien waarom eerlijke verkiezingen belangrijk zijn. Zodra financiële beloningen worden gebruikt om stemmen te beïnvloeden, wordt de grens tussen campagne voeren en omkopen gevaarlijk dun.

Politiek hoort mensen te overtuigen met plannen, argumenten en resultaten. Wie een kiezer alleen kan overtuigen door de portemonnee te trekken, heeft misschien iets minder vertrouwen in zijn eigen verkiezingsprogramma dan hij tijdens het debat wil toegeven.

De conclusie is daarom eigenlijk heel simpel: verkiezingen zijn geen marktplaats. Een stem is geen product en een kiezer is geen klant die naar de hoogste bieder gaat.

Hij mag gewoon zelf kiezen. En eerlijk gezegd is dat wel zo prettig. Anders moet hij straks na het stemmen ook nog een kassabon bewaren.

GERELATEERD

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in

VEEL GELEZEN

LAATSTE NIEUWS