Er was een tijd dat gamen iets was wat je deed met drie anderen op de bank, niet met een headset tegen vreemden aan de andere kant van de wereld.
De Nintendo 64 hoort bij die tijd. Zet hem aan en je ruikt bijna weer de vrijdagavond: vier controllers, iemand die de beste plek voor de tv claimt, en niemand die naar huis wil.

De drietand die iedereen zich herinnert. Grijze stick in het midden, rode START-knop, en de vier gele C-knoppen rechtsboven waar je je vingers op leerde vinden zonder te kijken.
Vier poorten, en verder geen gedoe
Het geheim van die avonden zat in de console zelf. De Nintendo 64 had vier controllerpoorten in het apparaat, dus vier man kon aanschuiven zonder multitap of verdeelstuk. Je prikte vier controllers erin en klaar. De meeste systemen uit die tijd hadden twee poorten en extra spul nodig om met z’n vieren te spelen. Hier was samen spelen het uitgangspunt.
Dat merk je aan de spellen die mensen nog kennen. GoldenEye 007, Mario Kart 64 en Super Smash Bros. worden tot vandaag herinnerd als bank-games en niet als solo-avonturen. Bij GoldenEye kreeg het scherm vier kwarten. Elke vriendengroep had zijn eigen huisregel over wie Oddjob mocht kiezen, want die was zo klein dat je hem bijna niet kon raken. Dat splitscreen was klein en druk, en juist dat hoort bij de herinnering: turen naar je eigen hoekje terwijl je buurman stiekem meekeek.
De sprong naar 3D
De N64 bracht ook iets nieuws in de woonkamer. In Super Mario 64 maakte je de sprong naar 3D: waar je daarvoor plat van links naar rechts liep, rende, sprong en klom je nu door een hele wereld. Je bestuurde dat met een analoge stick waarmee je niet alleen een richting maar ook een snelheid aangaf. Voor veel mensen voelde dat als de eerste keer dat een spel echt ruimte had.

Deze Super Mario 64 op cartridge. Op het label onderaan lees je NUS-006 (EUR), de Europese uitgave, met het gouden Nintendo Seal of Quality ernaast.
Van zolder naar je moderne tv
Vind je er een op zolder of op Marktplaats, dan is de grootste horde niet de console maar je televisie. De N64 stuurt een analoog signaal uit, en veel moderne tv’s hebben geen gele tulp-ingang meer. Achterop de console zit één video-uitgang, de MULTI OUT-poort. Daar steek je een AV-kabel met de tulpstekkers in, geel, wit en rood, en die gaan in de AV-ingang van je tv. Heeft je tv alleen HDMI, dan zet een kleine adapter dat signaal om.
Een tweedehands N64 wordt trouwens nogal eens zonder kabel verkocht, of met een kabel van een andere console erbij gestopt. Geen ramp, want de MULTI OUT is dezelfde platte aansluiting die Nintendo ook op de SNES en de GameCube gebruikte. Een AV-kabel van die consoles past dus gewoon op je N64.
En let op het klepje bovenop. In dat slot hoort altijd een klein inzetstuk. Zonder Jumper Pak of Expansion Pak in dat slot start een N64 niet op en blijft je scherm zwart, hoe goed je kabel ook is. Dat is de valkuil waar menigeen die zijn oude console weer opduikelt op stukloopt.
Waar je op let als je er zelf een zoekt
Wil je er weer een in huis halen, dan kun je nintendo 64 kopen bij een Nederlandse winkel die elke console zelf nakijkt en schoonmaakt. Let daarbij op twee dingen. Draai de console om en kijk op de sticker aan de onderkant: het modelnummer is de enige betrouwbare manier om te weten wat je in handen hebt. NUS-001 is de Nintendo 64 zelf, en welke regio je voor je hebt lees je aan het achtervoegsel, net als de (EUR) op de cartridge hierboven. En bij de spellen geldt dat een cartridge een Europese PAL-uitgave moet zijn, want een Amerikaanse cartridge past niet in een Europese console.

Mario Kart 64 compleet in de doos. Op de doos staat het met zoveel woorden: 1 tot 4 spelers tegelijk. De hoeken tonen gebruikssporen, zoals je mag verwachten van een doos van ruim twintig jaar oud.
Dat is de charme van de Nintendo 64. Je hoeft er geen verzamelaar voor te zijn. Je zet hem aan, je prikt er vier controllers in, en de vrijdagavond van vroeger staat zo weer in je woonkamer.

