De ministerraad heeft ingestemd met een stevig pakket aan maatregelen van minister Hermans (Klimaat en Groene Groei), bedoeld om Nederland weerbaarder, schoner en minder afhankelijk te maken van buitenlandse energie.
Door recente geopolitieke spanningen en knelpunten in de energietransitie is actie noodzakelijk. Bedrijven moeten eenvoudiger kunnen verduurzamen, het stroomnet moet sneller worden uitgebreid en energie moet betaalbaar blijven. Met dit pakket wordt gericht gewerkt aan een sterke industrie, lagere kosten en een toekomstbestendige economie.
Lagere elektriciteitskosten voor industrie op komst
Een belangrijk onderdeel van het pakket is de verlaging van de elektriciteitskosten voor bedrijven. De industrie speelt een sleutelrol in de energietransitie, maar worstelt met hoge energielasten. Om het speelveld gelijk te trekken met buurlanden verlengt het kabinet de regeling voor Indirecte Kosten Compensatie met drie jaar. Hierdoor worden energiekosten voor grote energieverbruikers zoals de chemie- en staalindustrie verlaagd.
Tegelijkertijd wordt de COâ‚‚-heffing tijdelijk aangepast. Hierdoor krijgen bedrijven wat extra ademruimte om te investeren in verduurzaming. Na 2032 blijft de mogelijkheid bestaan om deze heffing opnieuw in te voeren. Het kabinet blijft in gesprek met de sector om tot een werkbare oplossing te komen die bijdraagt aan het doel: klimaatneutraal in 2050.
Sneller uitbreiden van het stroomnet
Om de overgang naar duurzame energiebronnen zoals zonne- en windenergie mogelijk te maken, is uitbreiding van het stroomnet essentieel. Minister Hermans komt daarom met een reeks maatregelen om de netcapaciteit versneld op peil te brengen. De focus ligt op de 25 meest urgente hoogspanningsprojecten.
Door wet- en regelgeving aan te passen, kunnen procedures flink worden verkort. Daarnaast worden investeringen gedaan in gebieden waar veel energie-infrastructuur samenkomt. Netbeheerder TenneT gaat bovendien haar manier van werken aanpassen, zodat projecten gemiddeld een jaar sneller gerealiseerd kunnen worden.
Ondersteuning voor COâ‚‚-opslag en CCS-project Aramis
Een ander belangrijk onderdeel van het beleid is de inzet op CO₂-opslag via het grootschalige CCS-project Aramis. Hiermee kan de industrie haar uitstoot terugdringen door CO₂ onder de Noordzee op te slaan. Het kabinet heeft €639 miljoen gereserveerd voor EBN, zodat deze staatsdeelneming mee kan investeren in de infrastructuur en opslagcapaciteit. Dit helpt om financiële risico’s weg te nemen en investeringen aantrekkelijker te maken voor bedrijven.
De bedoeling is om in 2026 een definitieve investeringsbeslissing te nemen, zodat in 2030 gestart kan worden met de ondergrondse opslag van CO₂. Dit project is cruciaal voor de verduurzaming van zware industrieën die moeilijk volledig kunnen elektrificeren.
Grote impuls voor waterstof en circulaire plastics
Ook op het gebied van waterstof en circulair plastic zet het kabinet nieuwe stappen. Er komt €2,1 miljard beschikbaar voor de productie van waterstof, en nog eens €662 miljoen voor de toepassing in de industrie. Met een verplicht aandeel van 4% hernieuwbare waterstof zorgt de overheid voor een realistische en haalbare verplichting voor bedrijven.
Daarnaast wordt de raffinageroute voor groene waterstof aangepast, zodat deze beter aansluit op bestaande bedrijfsprocessen. Dit maakt het aantrekkelijker om de overstap naar duurzame brandstoffen te maken.
Voor circulair plastic wordt het beleid herzien. De eerdere plannen voor een plasticsnorm en heffing worden aangepast. Het kabinet kijkt naar alternatieven die beter werken in de praktijk en meer impact hebben op de recycling en hergebruik van kunststoffen.
Verlenging SDE++ en focus op logisch vervolgbeleid
De populaire regeling SDE++, waarmee duurzame energieprojecten worden gesubsidieerd, wordt in 2026 opnieuw opengesteld. Er is een budget van maar liefst €8 miljard beschikbaar om innovatieve projecten een duw in de rug te geven.
Het kabinet blijft daarnaast werken aan nog niet afgerond beleid. Denk hierbij aan een verplicht aandeel groen gas en het versnellen van de overgang naar een COâ‚‚-vrije elektriciteitssector. Ook in de mobiliteit en gebouwde omgeving worden bestaande maatregelen logisch uitgebreid.
Zo wordt het voor werkgevers aantrekkelijker om elektrische auto’s te leasen, bijvoorbeeld door normering in de zakelijke leasemarkt. Deze maatregel moet bijdragen aan het verder vergroenen van het wagenpark.
Nederland op eigen benen met energie van dichtbij
Minister Hermans benadrukt dat dit pakket meer is dan alleen losse maatregelen. Het is een gerichte stap richting een sterk, schoon en onafhankelijk Nederland. Hij wil geen onuitvoerbare ambities, maar realistische doelen en daadkrachtige acties. Door bedrijven ruimte te geven, knelpunten aan te pakken en te investeren in duurzame infrastructuur, werkt Nederland toe naar een energievoorziening die betrouwbaar en betaalbaar is — én die van dichtbij komt.
Het doel is helder: een toekomst waarin Nederland niet meer afhankelijk is van onbetrouwbare energiebronnen, waarin bedrijven concurrerend en duurzaam kunnen opereren, en waarin iedereen kan profiteren van schone energie en een sterke economie. Met dit pakket worden de eerste concrete stappen gezet om dat te realiseren.

